Marleen Finoulst Verschenen op 07/10/2015

In het nieuws

De darmflora heeft een belangrijke invloed op de gezondheid. Wanneer in de eerste levensmaanden bepaalde darmbacteriën ontbreken, stijgt het risico op astma beduidend. Die bacteriën toevoegen kan astma misschien voorkomen, hopen onderzoekers nu.

Waar komt dit nieuws vandaan?

Het nieuws is gebaseerd op twee Canadese studies. Een eerste studie selecteerde 319 kinderen uit een groter, lopend onderzoek, die op 3 maanden en op 1 jaar getest waren op allergieën, en waarvan men beschikte over stoelgangstalen. Van deze groep hadden 22 kinderen astma en een piepende ademhaling (een hoog risico op astma op latere leeftijd), andere hadden enkel een piepende ademhaling of geen van beide. Van alle baby’s werd de stoelgang onderzocht op 3 maanden en op 12 maanden. De stoelgangstalen van de baby’s met allergie en een piepende ademhaling vertoonden op de leeftijd van 3 maanden opmerkelijke verschillen met alle andere stoelgangstalen: 4 darmbacteriën kwamen bij hen duidelijk minder voor (getest via DNA-analyse op de stoelgang). Het gaat om Faecalibacterium, Lachnospira, Rothia en Veillonella. Deze verschillen waren verdwenen op éénjarige leeftijd.

In een tweede experiment, met muizen met een steriel gemaakte darm, werden bacteriehoudende stoelgangstalen van de baby’s uit de eerste studie in de darm gebracht. De nakomelingen van de muizen met stoelgang van de baby’s met verhoogd astmarisico, vertoonden astma-achtige ontstekingverschijnselen in de longen. Wanneer muizen de vier ontbrekende bacteriën kregen toegediend, dan vertoonde hun nageslacht deze symptomen echter niet. Uit beide studies besluiten de Canadese onderzoekers dat astma mogelijk te voorkomen is door goede bacteriën (probiotica) toe te dienen aan pasgeborenen met een verhoogd risico op astma.

Bron

(1) Arrieta M-C, et al. Early infancy microbial and metabolic alterations affect risk of childhood asthma. Science Translational Medicine. September 30 2015

Hoe moeten we dit nieuws interpreteren?

Deze studie suggereert, maar bewijst niet, dat astma mogelijk veroorzaakt wordt door het ontbreken van bepaalde darmbacteriën, of anders, dat bepaalde probiotica nodig zijn om het immuunsysteem te prikkelen en te versterken. Deze probiotica zouden dan moeten toegediend worden tijdens de eerste levensmaanden, omdat de verschillen in samenstelling van de darmflora verdwenen zijn tegen de leeftijd van één jaar.

De studie is echter te klein (slechts 22 kindjes met allergie) om algemene uitspraken te doen. Bovendien is niet zeker dat wat voor muizen opgaat, ook voor mensen geldt. En of de astma-achtige ontstekingsverschijnselen bij muizen te vergelijken zijn met astma bij mensen.

Anderzijds weten we uit ander onderzoek dat contact met bacteriën in de eerste levensmaanden en -jaren (leven op een boerderij) de kans op allergieën vermindert. De resultaten van dit onderzoek sluiten daar bij aan.

Conclusie

De darmflora van baby’s met een hoog risico op astma op latere leeftijd vertoont verschillen met de darmflora van baby’s met weinig astmarisico. Verder onderzoek moet uitwijzen of deze vaststelling kan uitmonden in een probioticatherapie die astma kan voorkomen.

Referenties

http://www.nhs.uk/news/2015/10October/Pages/probiotic-friendly-bacteria-may-play-role-in-stopping-asthma.aspx

Vond je dit artikel nuttig?

Nieuwsbrief

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief