Wat zijn spraak- en taalproblemen bij kinderen?
Elk kind ontwikkelt spraak en taal op een eigen tempo. Sommige kinderen zijn trager in hun spraak- en taalontwikkeling dan hun leeftijdsgenootjes. Dat kan een gevolg zijn van een taal- of spraakprobleem. Maar het kan ook komen door andere oorzaken, zoals bijvoorbeeld:
- slechthorendheid;
- een verstandelijke beperking;
- motorische problemen;
- problemen in de omgang binnen het gezin;
- neurodivergentie, zoals autisme.
Hoe kan je problemen met de spraak- en taalontwikkeling van je kind herkennen?
Elk kind leert op diens eigen tempo. Het is dus normaal dat niet elk kind even snel leert praten. Krijg je toch de indruk dat je kind bepaalde vaardigheden niet ‘op tijd’ leert? (zie verder) Dan is het belangrijk om dat op te merken, zodat je kind hulp kan krijgen.
Het is niet altijd eenvoudig om in te schatten of een kind ‘normale’ moeilijkheden heeft wanneer die taal leert, of toch extra hulp nodig heeft. Heb je twijfels of vragen over de spraak- en taalontwikkeling van je kind? Neem dan contact op met je zorgverlener. Als het nodig is, kan die je doorverwijzen naar een specialist in taal- en spraakontwikkeling (een logopedist).
Kinderen tot 1 jaar
Tijdens hun eerste levensjaar leren kindjes hun stem te gebruiken: ze brabbelen vanaf ongeveer 7 tot 8 maanden. Ze leren zuigen, slikken en ook fruit- en groentenpap eten. In deze situaties praat je best met een zorgverlener:
- Je kind gebruikt diens stem weinig of brabbelt weinig.
- Je kind maakt weinig 'contact' met volwassenen.
- Je vermoedt dat je baby slecht hoort. Bijvoorbeeld omdat je baby niet of weinig reageert op geluid.
- Je kind heeft moeilijkheden bij het eten.

Kinderen van 1 tot 2 jaar
Tussen de leeftijd van 1 tot 2 jaar beginnen kindjes hun eerste woordjes te gebruiken. Ze begrijpen steeds meer van wat anderen zeggen en gebruiken taal om dingen duidelijk te maken. In deze situaties praat je best met een zorgverlener:
- Je kind probeert weinig of geen woordjes te zeggen of drukt zich niet uit met gebaren.
- Je kind lijkt slecht te horen of lijkt weinig ’eenvoudige opdrachten te begrijpen.
- Je kind reageert weinig op geluiden.
- Je kind maakt weinig contact met anderen.

Kinderen van 3 tot 4 jaar
Kinderen van 3 tot 4 jaar leren steeds meer woordjes. Ook hun zinsconstructies worden complexer. In deze situaties praat je best met een zorgverlener:
- Je kind praat vaak onverstaanbaar.
- Je kind kent weinig woorden.
- Je kind praat heel beperkt: weinig of geen korte zinnen.
- Je kind praat niet zo vloeiend. Het kan zijn dat je kind stottert wanneer die vaak klanken of woorden herhaalt, verlengt, of erop vastloopt.

Kinderen van 5 tot 6 jaar
Kinderen tussen 5 tot 6 jaar bereiken de lagereschoolleeftijd. Ze leren steeds beter communiceren. Ze zijn meestal goed verstaanbaar, kunnen een verhaal vertellen en begrijpen steeds complexere taal. In deze situaties praat je best met een zorgverlener:
- Je kind heeft moeite om de r, s, l , k en andere klanken uit te spreken.
- Je kind praat niet zo vloeiend. Het kan zijn dat je kind stottert wanneer die vaak klanken of woorden herhaalt, verlengt, of erop vastloopt.
- je kind heeft moeite om gesproken taal te begrijpen.
- Je kind heeft problemen met lange en samengestelde zinnen.

Hoe stelt je arts of zorgverlener de diagnose en wat kan die doen?
📍Waar kan je terecht?
Je kan terecht bij een van deze zorgverleners:
- je huisarts;
- je kinderarts;
- je logopedist;
- je zorgverlener bij Kind en Gezin.
Als het nodig is, zal je zorgverlener je verder doorverwijzen.
Een logopedist begeleidt kinderen met spraak- en taalproblemen en geeft ook advies aan ouders. In Vlaanderen zijn er ook enkele gespecialiseerde centra die zich specifiek bezighouden met spraak- en taalontwikkelingsproblemen.
🔎Hoe stelt je zorgverlener de diagnose?
Je zorgverlener gaat samen met jou en je kind na welke spraak- en taalproblemen er zijn. Wat lijkt er zoal mis te lopen? Je zorgverlener stelt vragen over:
- de ontwikkeling van je kind;
- de talen die jullie thuis spreken;
- hoe je kind contact maakt met anderen.
Daarnaast bekijken jullie ook:
- of er taal-, leer- of communicatieproblemen voorkomen in jullie familie;
- of er factoren zijn die de communicatie kunnen beïnvloeden.
Vermoeden jullie dat je kind misschien last heeft van gehoorproblemen? Dan gebeurt een nazicht van de oren en een gehoortest. In Vlaanderen test Kind en Gezin sowieso het gehoor van elke baby binnen 3 weken na de geboorte.
📅Hoe gaat het verder?
Je zorgverlener volgt de spraak- en taalontwikkeling van je kind nauw verder op. Daarvoor werkt die samen met het Centrum voor Leerlingenbegeleiding (CLB).