Patrick Mullie Verschenen op 21/11/2018

In het nieuws

Het moet maar eens gedaan zijn, de dieetoorlog die al jaren woedt tussen het koolhydraatarme en het vetarme kamp. De kwaliteit van koolhydraten en vetten is belangrijker dan het mijden van een hele voedingsgroep.

Waar komt dit nieuws vandaan?

In een review in het tijdschrift Science behandelde David Ludwig, Amerikaans voedingsprofessor, het onderwerp koolhydraten en vetten in onze voeding (1). Ludwig stelt dat voedingsadviezen om vet te verminderen gebaseerd zijn op het uitgangspunt dat hoge innames van vetten leiden tot obesitas, diabetes, hartziekten en kanker. Recentelijk kregen koolhydraatarme, vetrijke voedingsadviezen meer wetenschappelijk aandacht, gezien de mogelijk positieve effecten voor de gezondheid. Volgens Ludwig zijn beide adviezen gelijkwaardig, en kan men wetenschappelijke argumenten vinden voor en tegen vetarme of koolhydraatarme voedingssystemen. Zijn stelling is dat niet zozeer het gehalte aan koolhydraten en vetten in voeding belangrijk is, maar wel de aard van de koolhydraten en vetten: vermijd toegevoegde suiker en verzadigde vetzuren.

Bron

(1) Ludwig DS, Willett WC, Volek JS, Neuhouser ML. Dietary fat: From foe to friend? Science. 2018 Nov 16;362(6416):764-770.

Hoe moeten we dit nieuws interpreteren?

Het artikel is geen systematische review, maar een narratieve review. Hierin verdedigt de auteur een bepaald standpunt, en ondersteunt dit met geselecteerde literatuur. In een systematische review wordt alle wetenschappelijke literatuur doorzocht over een bepaald standpunt, en vormt men nadien een oordeel. Wetenschappelijk gezien heeft een systematische review een hogere waarde dan een narratieve review.

Al sinds het Atkinsdieet uit de jaren '70 is het koolhydraatarm en vetrijk dieet een commercieel succes. Het Montignacdieet, de Voedselzandloper van Kris Verburgh, het Paleodieet van Hanno Pijl, recepten van Pascale Naessens en Sandra Bekkari liggen in dezelfde commerciële lijn. In zijn artikel vergeet Ludwig echter één element: koolhydraten en vetten zijn niet in een dieetoorlog verwikkeld. Al meer dan twintig jaar zijn de voedingsaanbevelingen van de Hoge Gezondheidsraad dezelfde: een gezonde voeding bestaat voor 50 tot 55% uit koolhydraten en 20 tot 35% uit vetten, met beperking van toegevoegde suikers en verzadigde vetzuren. Er is hoofdzakelijk een commerciële oorlog aan de gang, waarin de media een rol spelen, door meer aandacht te schenken aan commerciële sensatie dan aan voedingsaanbevelingen van de Hoge Gezondheidsraad. De enige voedingsprincipes die op wetenschappelijke wijze aantonen dat je langer leeft, zijn de mediterrane voedingsprincipes, waarop de aanbevelingen van de Hoge Gezondheidsraad steunen (2).

Ludwig is trouwens geen onbekende in Vlaanderen: hij gaf in het verleden reeds voordrachten samen met Pijl, Verburgh en Naessens over koolhydraatarme voeding. Hij is eveneens auteur van het boek ‘Always hungry’, waarin hij stelt dat je niet vermagert door calorieën te tellen, wat in strijd is met thermodynamische wetten (energie kan niet ontstaan of verloren gaan, enkel worden omgezet in een andere vorm). Met andere woorden: calorieën tellen kan zeker een hulpmiddel zijn voor wie wil vermageren.

Conclusie

In tegenstelling tot wat velen ons willen doen geloven, is er geen dieetoorlog aan de gang tussen suikerarme en vetarme dieetadviezen. De officiële voedingsaanbevelingen van de Hoge Gezondheidsraad zijn duidelijk verwerkt in de omgekeerde voedingsdriehoek van het Vlaams Instituut Gezond Leven. Een gezonde voeding bestaat voor 50 tot 55% uit koolhydraten en 20 tot 35% uit vetten, met beperking van toegevoegde geraffineerde suikers en verzadigde vetten.


Lees ook: https://www.gezondheidenwetenschap.be/gezondheid-in-de-media/welk-dieet-werkt-het-best-minder-koolhydraten-of-minder-vetten

Meer info over de omgekeerde voedingsdriehoek:

Referenties

(2) Sofi F, Macchi C, Abbate R, Gensini GF, Casini A. Mediterranean diet and health status: an updated meta-analysis and a proposal for a literature-based adherence score. Public Health Nutr. 2014 Dec;17(12):2769-82.

Nieuwsbrief

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief