gezondheid en wetenschap

Zenuwentrapment (zenuwbeklemming) en compressieaandoeningen

Wat is het?

Zenuwen geleiden elektrische prikkels van en naar de hersenen. Ze lopen doorheen het hele lichaam. Op bepaalde plaatsen passeert de zenuw door een nauwe tunnel, en kan hij makkelijk gekneld geraken. We spreken van 'entrapment' of beklemming wanneer de geknelde zenuw geen prikkels meer kan geleiden. Op die manier ontstaan typische compressieklachten.
De klachten variëren naargelang de plaats waar de zenuw loopt en naargelang het lichaamsdeel dat bezenuwd wordt. Zo zijn er twee vormen van entrapment:
- door druk of compressie op een zenuw omwille van externe factoren, door er bijvoorbeeld op te liggen. Dit komt vooral voor op plaatsen waar weinig omringend weefsel is.
- door het vastklemmen van een zenuw in anatomische structuren, zoals in een door artrose vernauwde tussenwervelruimte.

Hoe kun je het herkennen?

Er zijn twee soorten klachten:
- Gevoelstoornissen: stekend of tintelend gevoel, te veel of te weinig gevoel, pijn. Deze klachten ondervind je dan meestal 's nachts en doen zich lager voor dan de knelling.
- Motorische klachten of symptomen: spierzwakte en/of vermindering van de spiermassa. Wordt de inklemming niet tijdig verholpen, dan verdwijnt het spierweefsel definitief.
De plaats van het zenuwletsel is gevoelig bij druk en geeft uitstralende klachten naar de rest van het lichaam.

Hoe kan je arts het herkennen?

Aan de hand van de plaats van je klachten kan de arts afleiden waar het probleem van de inklemming zich kan bevinden:
- handwortel: dit syndroom wordt ook carpaletunnelsyndroom genoemd, en geeft klachten zoals krachtverlies in duim-, wijs- en middelvinger, uitstralend in de nek, met gevoelloosheid 's nachts, vaak langs beide kanten. Soms is een ingreep nodig.
- elleboog: zwakte en pijn ter hoogte van pink, ringvinger, zwakke schaarbeweging.
- pols: slechts zwakke buiging mogelijk van ring- en pinkvinger.
- kuit: gevoelsbeperkingen ter hoogte van de binnenste voetzool met moeilijke teengang, dropvoet, zwakke voetstrekking.
- handpalm: zwakte bij pincetbeweging met duim- en wijsvinger, vaak bij vloerders, fietsers en in geval van handwonden.
- bovenarm: ook wel 'Saturday night Palsy' genoemd. Komt voor bij slapen op hand of arm. Gaat gepaard met gevoelsstoornissen en moeilijk strekken pols en vingers. Herstelt meestal spontaan.
- kuitbeen: bij alcoholisten, bessenplukkers. Geeft gevoelsstoornissen aan de voorzijde van het onderbeen, de middenvoet en verlamming of zwakte bij het optrekken van de tenen. Gang met korte stappen, kan niet op de hielen lopen.
- lage deel van de wervelkolom: pijn in het been, gevoelloosheid en tintelingen, eventueel reflexvermindering. Deze inklemming ontstaat door vernauwde tussenwervelruimten als gevolg van slijtage of artrose of door discushernia of -prolaps.

Wat kun je zelf doen?

Signaleer de klachten aan je arts en wacht niet te lang om ze verder te laten onderzoeken. Noteer de exacte plaats van de klachten, of omschrijf of het alleen om gevoelsstoornissen gaat of ook spierzwakte of functieverlies.
Bij klachten door overbelasting (zoals vaak bij carpaletunnelsyndroom) is het nuttig om voor huishoudelijke taken hulp in te schakelen.
In de werkomgeving zijn aanpassingen aangewezen om overbelasting te vermijden. Bespreek dit met je arts, en eventueel met je werkgever, de bedrijfsarts, en een ergotherapeut (via mutualiteiten of rugschool van universitaire centra).

Wat kan je arts doen?

De arts luistert naar je klachten en doet een algemeen onderzoek. Vaak zal hij moeten verwijzen voor verder onderzoek, advies en behandeling. Voor vele van deze problemen bestaat geen echte therapie. Aanpassing van de levensstijl en de werkomgeving kan helpen. Soms is het nodig om een tijdje te stoppen met werken om overbelasting te verminderen. Het is belangrijk om eventuele uitlokkende factoren te kennen en aan te pakken. Een ingreep kan noodzakelijk zijn.

Bronnen

www.ebmpracticenet.be
www.reumanet.be

verschenen op 17/04/2015

Bedankt voor je feedback!


Andere richtlijnen