Wat zijn bottumoren?
Bottumoren zijn gezwellen (tumoren) die in het bot ontstaan.
Een tumor is een plek waar cellen zich sneller delen dan normaal. Zo’n tumor kan:
- goedaardig zijn: de tumor groeit wel, maar het is geen kanker. De tumor zaait niet uit.
- kwaadaardig zijn: dan spreken we over kanker. Kwaadaardige tumoren kunnen wel uitzaaien.
Goedaardige bottumoren
De meest voorkomende goedaardige bottumoren zijn:
- exostose (osteochondroom): komt vooral bij tieners voor;
- enchondroom: ontstaat in het kraakbeen en groeit aan de binnenkant van het bot. Het komt meestal voor in de hand.
Goedaardige bottumoren kunnen klachten geven, maar zijn niet levensbedreigend.
Kwaadaardige bottumoren
Kwaadaardige bottumoren worden ingedeeld in primaire tumoren en bot-metastasen.
- Primaire bottumoren ontstaan in het bot zelf. De meest voorkomende zijn:
- osteosarcoom: ontstaat in het bot zelf, meestal bij kinderen en jongvolwassenen.
- chondrosarcoom: ontstaat vanuit het kraakbeen en komt vaker voor bij oudere mensen.
- Bot-metastasen zijn uitzaaiingen van kanker die op een andere plaats in het lichaam begonnen is. Veelvoorkomende kankers die naar het bot kunnen uitzaaien zijn borstkanker, longkanker, prostaatkanker, schildklierkanker en nierkanker.
Hoe kan je een bottumor herkennen?
De eerste tekenen van een bottumor zijn vaak vaag. Ze lijken soms op groeipijn of een sportblessure. Toch zijn er een aantal signalen die je beter ernstig neemt:
- aanhoudende botpijn: je hebt pijn in een bot zonder duidelijke oorzaak, zoals een val of blessure. De pijn blijft duren, wordt geleidelijk erger en is vaak meer uitgesproken als je niet beweegt of ’s nachts. Soms wordt bewegen moeilijker of pijnlijker, bijvoorbeeld bij stappen of buigen, zeker als de tumor zich dicht bij een gewricht bevindt.
- een zwelling of knobbel aan een bot: je ziet of voelt een zwelling of harde knobbel ter hoogte van een bot. Soms voelt die plek warm aan. Een zwelling die groter wordt, laat je best nakijken.
- een botbreuk zonder duidelijke aanleiding: soms is het bot zo verzwakt dat het breekt bij een klein ongelukje of zelfs zonder duidelijke reden.
- algemene klachten: bij sommige agressieve bottumoren kan je ook last hebben van koorts, vermoeidheid, gewichtsverlies of een algemeen ziek gevoel. Dat komt minder vaak voor.
Herken je deze signalen? En blijven de klachten duren of worden ze erger? Neem dan contact op met je arts.
Hoe stelt je arts een bottumor vast?
Bij vermoeden van een bottumor zal je arts een foto van het bot laten maken en een bloedonderzoek doen. Wordt een tumor vastgesteld, dan zal je arts je altijd doorverwijzen naar een specialist. Die zal extra onderzoeken uitvoeren, zoals een CT-scan, een MRI-scan of een botscan.
Bij een botscan wordt een radioactieve stof ingespoten die zich in de tumor of de uitzaaiingen concentreert. Daardoor wordt de tumor zichtbaar.
Soms wordt ook een stukje van het bot weggenomen voor verder onderzoek in het labo (biopsie). Zo weet je arts over welk soort tumor het gaat.
Wat kan je zelf doen?
Heb je een zwelling of knobbel ter hoogte van een bot? Neem dan contact op met je arts. Zeker als de zwelling of knobbel groter wordt of warm aanvoelt.
Ook als je last hebt van aanhoudende botpijn zonder duidelijke oorzaak, of als je klachten hebt die blijven duren of verergeren, is het verstandig om je arts te raadplegen.
Hoe vroeger een bottumor wordt vastgesteld, hoe beter de kansen op herstel.
Wat kan je arts of zorgverlener doen?
De behandeling van een bottumor gebeurt bijna altijd door een multidisciplinair team. Dat betekent dat verschillende zorgverleners samenwerken om jou de beste zorg te geven.
Goedaardige bottumoren
Goedaardige tumoren hoef je niet te behandelen, behalve als:
- je er last van hebt;
- de tumor esthetisch storend is;
- er een risico is op breuken.
In dat geval haalt een chirurg (orthopedist) de tumor weg.
Kwaadaardige bottumoren
Een kwaadaardige tumor wordt behandeld door een specialist (bijvoorbeeld een oncoloog, radiotherapeut of chirurg). De behandeling hangt af van heel wat factoren. Mogelijke opties zijn een operatie, chemotherapie, bestraling (radiotherapie) of een combinatie.
Ook andere zorgverleners kunnen je begeleiden, bijvoorbeeld:
- een diëtist: geeft voedingsadvies, bijvoorbeeld als je door de behandeling minder eetlust hebt of afvalt;
- je huisarts: volgt je algemene gezondheid mee op en is het aanspreekpunt voor al je vragen;
- een kinesist: helpt je herstellen na de behandeling. Bijvoorbeeld met oefeningen om kracht, mobiliteit en evenwicht terug te krijgen;
- een maatschappelijk assistent: helpt met praktische, administratieve en sociale zaken, zoals werk of verzekeringen;
- een oncologisch verpleegkundige: helpt je bijvoorbeeld met pijnbestrijding en volgt mogelijke bijwerkingen van de behandeling mee op;
- een psycholoog: kan een luisterend oor bieden, samen met jou naar oplossingen zoeken en je helpen om met de ziekte om te gaan. Hier vind je meer informatie over psychologische begeleiding.
Hoe gaat het verder?
Soms geneest een bottumor volledig, soms niet. Dat hangt onder andere af van het type tumor, hoe agressief die is, waar hij zich bevindt en of er uitzaaiingen zijn. Je arts bespreekt met jou welke vooruitzichten er in jouw situatie zijn.
Als genezing niet meer mogelijk is, betekent dat niet dat de zorg stopt. Je kan nog een behandeling krijgen om de symptomen te verlichten en de ziekte te vertragen. Dat heet een palliatieve behandeling. Het doel is dat je zoveel mogelijk levenskwaliteit behoudt, in elke fase van je ziekte.
Meer weten?
Patiëntenverenigingen en zelfhulpgroepen
Vind een zelfhulpgroep bij Trefpunt Zelfhulp of op allesoverkanker.be.