Waarover gaat het?
Als een kind een giftige stof inslikt, kan die stof schade aanrichten en ervoor zorgen dat organen of andere lichaamsdelen minder goed werken.
Giftige stoffen zijn bijvoorbeeld:
- chemische producten, zoals:
- schoonmaakmiddelen;
- ontsmettingsmiddelen;
- insecticiden;
- verzorgingsproducten, zoals:
- douchegel of wasgel;
- etherische oliën;
- medicijnen;
- planten of bessen;
- paddenstoelen;
- alcohol;
- illegale drugs.
Er zijn verschillende manieren om de kans te verkleinen dat je kind een giftige stof inslikt. Op deze pagina lees je:
- hoe je kan voorkomen dat je kind (thuis of elders) een giftige stof inslikt;
- hoe je best reageert als je kind toch een giftige stof heeft ingeslikt.
Heeft je kind een vreemd voorwerp ingeslikt? Dan vind je meer informatie op deze pagina.
Bij wie en hoe vaak komt het voor?
Jonge kinderen tussen 1 en 4 jaar lopen het grootste risico om een giftige stof in te slikken. Ze zijn volop de wereld aan het ontdekken en zien nog niet goed het verschil tussen bijvoorbeeld een fles met een gevaarlijk product en een fles water of een snoepje. Zeker niet als het product een felle kleur heeft en gemakkelijk vast te nemen is.
Daarnaast doen kinderen andere mensen graag na. Zien ze bijvoorbeeld iemand medicijnen innemen, dan willen ze dat nadoen.
Het gebeurt dus soms dat een kind een giftige stof inslikt. Bij kinderen jonger dan 6 jaar gebeurt dat meestal per ongeluk.
Dat kan veranderen als kinderen ouder worden. Oudere kinderen en jongeren willen soms graag experimenteren, nemen bewust een stof in om een bepaald effect te ervaren of om een uitdaging aan te gaan. Het kan gaan om medicijnen, alcohol, illegale drugs of andere stoffen. Het kan ook een manier zijn om hulp te vragen.
Hoe weet je of je kind een giftige stof heeft ingeslikt?
Je kan je kind aantreffen in de buurt van een lege verpakking van een medicijn of bij een geopende fles.
Soms merk je het bijvoorbeeld aan:
- vlekken achteraan in de mond;
- brandwonden in of rond de mond;
- vlekken op de kleding;
- een ongebruikelijke geur bij je kind.
Klachten
Je kind kan bijvoorbeeld:
- misselijk zijn of overgeven;
- last hebben van diarree;
- koorts hebben;
- huiduitslag krijgen;
- moeilijkheden hebben met ademhalen, anders klinken bij het praten of hoesten;
- stuipen krijgen;
- verward zijn;
- ander gedrag vertonen;
- het bewustzijn verliezen.
Welke klachten je kind heeft, hangt af van de stof die het heeft ingeslikt.
Wat kan je zelf doen?
Een vergiftiging voorkomen
- Leer je kind zo vroeg mogelijk om niets te drinken of te eten waarvan het niet weet wat het is.
- Bewaar producten en medicijnen in een afgesloten kast en hoog genoeg zodat een kind er niet bij kan.
- Controleer of de veiligheidsdop goed gesloten is.
- Bewaar een product altijd in de originele fles of verpakking en laat het etiket erop. Doe het product niet in een andere fles of doos.
- Gooi producten en medicijnen die je niet meer gebruikt weg.
Als je kind een giftige stof heeft ingeslikt
Als je denkt dat je kind een giftige stof heeft ingeslikt, blijf dan rustig en reageer snel.
- Leg de giftige stof buiten het bereik van je kind, als dat mogelijk is.
- Controleer of je kind nog wakker en aanspreekbaar is, normaal ademt en of de hartslag normaal aanvoelt.
- Gaat het niet goed met je kind? Is het bijvoorbeeld bewusteloos, heeft het stuipen of ademt het moeilijk?
- Bel dan meteen 112 of ga naar het ziekenhuis.
- Lijkt alles goed te gaan met je kind? Praat en ademt het normaal?
- Bel dan zo snel mogelijk het Antigifcentrum: 070 245 245.
Wat kan je nog doen?
- Spoel de giftige stof die op de huid of in de ogen is terechtgekomen, met veel kraanwater af.
- Probeer te achterhalen wat je kind heeft ingeslikt.
- Probeer in te schatten hoeveel van de giftige stof je kind heeft ingeslikt:
- Kijk bijvoorbeeld hoeveel er nog in de fles zit of hoeveel tabletten er ontbreken in een doosje medicijnen.
- Hou de verpakking of de bijsluiter goed bij, zodat je de zorgverleners de nodige informatie kan geven.
Door snel te reageren en het advies van de zorgverleners op te volgen, is de kans groot dat alles goed komt.
Wat kunnen de zorgverleners doen?
Antigifcentrum
Het Antigifcentrum geeft je advies over wat je moet doen, afhankelijk van:
- wat je kind heeft ingeslikt;
- de hoeveelheid die je kind heeft ingenomen;
- de toestand van je kind.
Ziekenhuis
In het ziekenhuis volgt het medisch team je kind op. Welke onderzoeken gebeuren en welke behandeling je kind krijgt, hangt af van:
- wat je kind heeft ingeslikt;
- de toestand van je kind.
Mogelijke onderzoeken zijn:
- een bloedonderzoek;
- een urineonderzoek;
- een onderzoek van het hart (een elektrocardiogram of ecg);
- een röntgenfoto van de buik of de borstkas.
Mogelijke behandelingen zijn:
- een infuus plaatsen;
- je kind helpen ademen;
- actieve kool geven;
- een tegengif geven.
Meer weten?
- Het Antigifcentrum: www.antigifcentrum.be – 070 245 245
- Kind en Gezin: Schadelijke stoffen
- Lezen voor gebruik: info en tips om chemische producten veilig te gebruiken
- FarmaInfo: “Paracetamol challenge”: let op voor overdosis