Wat is een herseninfarct?
- Als een bloedklonter een bloedvat in de hersenen afsluit, spreken we van een herseninfarct of hersentrombose.
- Daardoor krijgt een deel van de hersenen plots geen zuurstof meer.
- Je krijgt dan plots klachten (uitvalsverschijnselen). Bijvoorbeeld spierverlamming en gevoelloosheid.
Een herseninfarct is een soort van beroerte of CVA. Een andere soort beroerte is een hersenbloeding.
Oorzaken
De oorzaak van een herseninfarct is meestal een bloedklonter die een slagader in je hersenen of je hals afsluit. Een slagader is een bloedvat dat bloed vervoert van je hart naar je weefsels en organen.
- Soms ontstaat een bloedklonter ter plekke in de slagader. Meestal is de slagader vernauwd. Dat heet slagaderverkalking.
- Soms ontstaat een bloedklonter op een andere plaats, bijvoorbeeld in je hart. De klonter drijft dan mee met je bloed en komt vast te zitten in een slagader van je hals of je hersenen.
Bloedklonters kunnen ook ontstaan door aangeboren stollingsstoornissen.
Hoe vaak komt een herseninfarct voor?
Elk jaar krijgt in België ongeveer 1 op de 1000 mensen een beroerte. Een herseninfarct is de meest voorkomende vorm.
Hoe kan je een herseninfarct herkennen?
Een herseninfarct begint altijd plots.
Herken de alarmsignalen van een herseninfarct: doe de FAST-test F - Face (gezicht): Hangt de mond of één kant van het gezicht scheef? Lukt glimlachen niet goed? A - Arms (armen): Lukt het niet om beide armen op te heffen en omhoog te houden? Voelt één arm plots slap of gevoelloos? S - Speech (spraak): Praat de persoon plots onduidelijk? T - Time (tijd): Wacht niet af. Zoek meteen medische hulp. Ook als de klachten al verdwenen zijn. |

Andere alarmsignalen
- Plots minder kracht, minder gevoel of spierverlamming in je gezicht, arm of been, vaak aan één kant van je lichaam.
- Een scheve mond of moeite met praten.
- Je begrijpt mensen niet goed.
- Je ziet wazig of je ziet niets door één of beide ogen.
- Je hebt moeite met stappen of problemen met je evenwicht.
- Je hebt plots hevige hoofdpijn.
- Je bent duizelig.
- Je moet overgeven.
Hoe stelt je arts een herseninfarct vast?
- Je arts stelt je vragen over je klachten.
- Je arts test:
- de kracht in je armen en benen;
- je gevoel, zintuigen en evenwicht;
- hoe je stapt;
- je reflexen;
- je geheugen en redeneringsvermogen.
Verder onderzoek in het ziekenhuis
Vermoedt je arts dat je een herseninfarct hebt of hebt gehad? Dan verwijst die je meteen door naar het ziekenhuis. Daar worden je hersenen en je hart verder onderzocht:
- een echografie van de bloedvaten in je hals;
- een CT-scan en/of een MRI-scan van je hersenen;
- een hartfilmpje (ECG);
- een echografie van je hart.
Een arts gaat ook na of je aandoeningen hebt die je kans op een herseninfarct vergroten, zoals:
Wat kan je zelf doen?
Zoek snel medische hulp
Een herseninfarct is levensbedreigend. Denk je dat jij of iemand anders een herseninfarct heeft? Bel dan meteen 112. Elke minuut telt!
⚠️ Rij niet zelf met de auto. Wacht op de ambulance of laat je voeren.
⚠️ Ook als de klachten weg zijn, blijft snelle medische hulp nodig.
Praat erover
Een herseninfarct doormaken heeft een grote impact op je leven. Sommige mensen krijgen last van vermoeidheid, angst of depressie. Bij sommige mensen verandert hun gedrag of manier van denken. Dat is begrijpelijk. Het is niets om je voor te schamen.
- Zoek hulp en steun bij familie of vrienden. Die kunnen je helpen als je het moeilijk hebt.
- Contact met lotgenoten kan waardevol zijn. Zij kunnen je tips en inspiratie geven om met de aandoening om te gaan.
- Je kan er ook over praten met je zorgverlener.
Zo verklein je de kans op een herseninfarct
Je kan zelf veel doen om je kans op een (nieuwe) herseninfarct te verkleinen:
- Rook je? Probeer dan te stoppen.
- Drink niet te veel alcohol.
- Eet gezond en streef naar een gezond gewicht.
- Beweeg regelmatig. Het is goed om minstens 30 minuten per dag te bewegen.
- Heb je aandoeningen zoals een hoge bloeddruk, hoge cholesterol, diabetes of hartritmestoornissen? Laat je dan goed opvolgen en neem je medicatie goed in.

© Freepik
Wat kan je arts of zorgverlener doen?
🏥 Behandeling in het ziekenhuis
De eerste fase van je behandeling vindt plaats in het ziekenhuis. Zo mogelijk in een ziekenhuis met een speciale afdeling voor beroertes (stroke unit).
- De zorgverleners in het ziekenhuis zorgen dat je hart en ademhaling goed werken.
- Als dat mogelijk is, wordt de klonter die het bloedvat verstopt verwijderd. Dat kan op twee manieren:
- met medicatie die de klonter oplost (trombolyse);
- door de klonter via een operatie te verwijderen (trombectomie).
De klonter verwijderen lukt alleen als het snel gebeurt. Een trombolyse kan zelfs alleen de eerste uren nadat de eerste alarmsignalen begonnen zijn. Daarom moet je zo snel mogelijk in het ziekenhuis zijn.
🩼 Revalidatie
Je start zo snel mogelijk met revalidatie. Een team van zorgverleners helpt je daarbij. Ook je familie wordt nauw betrokken: hun steun is belangrijk voor je herstel.
De revalidatie start in het ziekenhuis. Meestal zet je de revalidatie thuis verder.
De meeste vooruitgang boek je in de eerste zes maanden. Ook daarna kan je nog verder herstellen, al gaat dat meestal trager.
Op deze pagina lees je meer over revalidatie na een beroerte.
👩🏽⚕️ Verdere opvolging
Om de kans op een nieuwe herseninfarct te verkleinen, krijg je medicatie voorgeschreven:
- bloedverdunners. Die verhinderen dat bloedplaatjes samenklonteren.
- Heb je last van atriumfibrillatie (een hartritmestoornis)? Dan krijg je sterkere bloedverdunners om bloedklonters in je hart te voorkomen.
- medicatie om je cholesterol te verlagen (statines). Zo heb je minder kans dat een bloedvat afgesloten raakt.
Het is belangrijk dat je je medicatie blijft nemen. Je mag er niet zomaar mee stoppen.
Heb je onderliggende aandoeningen, zoals hoge bloeddruk of diabetes? Dan zal je arts die behandelen. Ook zo verklein je de kans op een nieuwe herseninfarct.
🚗 Rijgeschiktheid
Heb je een rijbewijs? Dan moet een arts na je beroerte inschatten of je veilig kan rijden. Je arts kan daarvoor samenwerken met het rijgeschiktheidscentrum CARA (een onderdeel van Vias institute).
- Je bent niet rijgeschikt tot je aandoening volledig stabiel is.
- Soms krijg je beperkingen opgelegd, zoals een verbod om 's nachts te rijden.
- Soms moet je je auto laten aanpassen aan je mogelijkheden.
📆 Terug naar het werk
Heb je vragen over je terugkeer naar het werk? Bespreek die met je arts of arbeidsarts. Samen bekijken zij welke taken je opnieuw kan uitvoeren en of aanpassingen op het werk nodig zijn.
Meer weten?
Beroerte
Rijgeschiktheid
Terug naar het werk
- De sociale zekerheid: Opnieuw aan het werk
- Het Gespecialiseerd Team Bemiddeling: helpt mensen met een beperking of gezondheidsprobleem om geschikt werk te vinden en te houden.
Patiëntenverenigingen en zelfhulpgroepen
- Hersenletsel Liga: info, hulp en lotgenotencontact voor mensen met een niet-aangeboren hersenletsel